NIEUWE TOP-BAND!
Ik heb niets met singer-songwriters. Hoewel het vaak om zeer getalenteerde mannen en vrouwen gaat, raakte het me nooit echt. Een goed voorbeeld is Ryan Adams. He got nohting on me. Behalve natuurlijk de soundtrack van Robin Hood – Prince of Thieves. Een grapje, moet kunnen. Vindt Ryan zelf waarschijnlijk ook leuk.
Maar toen waren daar Paul Simon en Art Garfunkel.
Drie weken geleden betekenden deze nogal natte mannen weinig voor me. Ik ken hun bekende nummers (ik zing ze zelfs soms mee; IK ZING NIET!), maar ik kon ze vermoedelijk meer waarderen om de historische waarde dan om de muzikale waarde. Mrs Robinson is toch gewoon geil (“May I ask you a question?”)? Nu ik hun gehele (ok, alles op Spotify) repertoire al een aantal keer heb beluisterd kan ik zeggen dat deze helden een wel hele emotionele snaar hebben weten te raken. Dat klopt.
Het kan ik aan mij hebben gelegen, maar ik heb het gevoel ze de afgelopen 3 weken overal te hebben gezien. Behalve dat ze me hebben gevonden op mijn iPod en Spotify, was er ook een docu op Canvas en stond Paul Simon op Glastonbury. Bijna geluidloos wisten hun albums “Sounds of Silence” en “Bridge Over Troubled Water” zich op mijn iPod te wringen. Nietsvermoedend op de fiets naar Haarlem was daar dan ineens “de traan”, daarmee het bewijs geleverd dat ik wel degelijk over een ziel beschik.
Ik weet niet precies wat er gebeurde. Het was een moment van onoplettendheid. Ik fietste hard, was kapot. Ik was gelukkig alleen op mijn trouwe rode aluminium ros (The Red Dragon). Een echte man jankt immers niet. Maar was het wel janken? Was het niet gewoon een zilte lach? Een nat stukje kippenvel? Ik weet alleen dat toen ik Homeward Bound (live) hoorde, er toch echt iets in mij gebeurde (en ik heb hetzelfde bij The Boxer).
Alles kwam samen: Ik had al een tijdje hun magische albums beluisterd (waarvan het titelnummer van “Bridge Over Troubled Water” mij verbazend weinig doet), ik was aangenaam verast over de manier hoe Paul Simon werd ontvangen op Glastonbury (luid gejuich, respect voor een meester), de mystiek van “El Condor Pasa” en, tot slot, het verhaal van Garfunkel over de liefde tussen hem en Paul. Een verhaal van platonische mannen-liefde die zijn weerga niet kent (“It was almost a religious experience”). Echte vrienden noemen wij dat normaliter (kijk de docu zelf maar, hou het droog).
Ik kan nu zeggen dat het vijfde en laatste studio album van dit duo ervoor hebben gezorgd dat ik een levenslange fan ben en blijf. En dat is gek. Ik ken immers deze mannen pas net. Het is voor mij nieuw, maar toch oud. Ik voel me een beetje bedonderd. Beetje hetzelfde gevoel wat ik kreeg na het luisteren van “Exil On Main Street”. Als self-proclaimed Stones-hater vond ik dit een heel fijn album (opening). Gek genoeg.
Achja nieuwe muziek, het zal wel gevoel zijn.
One love.
PS Volgende keer ECHT nieuwe muziek. Achnee, ook niet echt. KLEZMER!

Reacties